Missie en visie

Iedereen Leest is de referentieorganisatie rond lezen en leesbevordering. De organisatie werkt programma’s en campagnes uit zoals de Jeugdboekenmaand, de Voorleesweek, Boekstart of de Kinder- en Jeugdjury. Samen met partners bouwt Iedereen Leest aan een sterke, brede leescultuur in Vlaanderen en Brussel.


Missie

Als referentieorganisatie rond lezen en leesbevordering wil Iedereen Leest samen met anderen bouwen aan een sterke en brede leescultuur in een inspirerend leesklimaat. Daarin krijgt leesplezier een centrale plaats. Iedereen Leest wil de aandacht voor leesplezier verhogen en het belang ervan onderstrepen. Iedereen Leest wil inspirerend en verbindend werken in netwerken met partners uit cultuur, onderwijs en welzijn.

Visie

Iedereen Leest ziet leesbevordering als een verhaal van kansen creëren of hefbomen die toegang geven tot lezen. Maar ook kansen die de deur openen naar leesplezier. Wie graag leest, wil meer lezen en wie meer leest, ontwikkelt een betere lees- en taalvaardigheid. Goed kunnen lezen - geletterd zijn - is een sleutelcompetentie in onze kennismaatschappij. Leesbevordering wil de persoonlijke ontwikkeling van de (toekomstige) lezer stimuleren. Ook het belang van lezen voor de samenleving wordt onderstreept: lezen kent een culturele, sociale, educatieve en economische waarde.

Rollen

Iedereen Leest werkt haar missie uit in dynamische, wisselende rollen: coördineren, verbinden en inspireren.

  • Ze coördineert een breedgedragen beleid rond leesbevordering en verschillende programma's, campagnes en initiatieven.
  • Ze brengt verschillende organisaties en mensen uit cultuur, onderwijs en welzijn bij elkaar om vanuit die verbinding samen te bouwen aan een sterke leescultuur.
  • Ze inspireert door kennis en praktijkervaringen over lezen en leesbevordering te delen, en door het imago van lezen positief te beïnvloeden.

Prioriteiten

In haar beleid voor 2016-2020 legt Iedereen Leest vijf prioriteiten:

1. Belang van vroeg beginnen

Kinderen laten opgroeien tot gemotiveerde en competente lezers begint best zo vroeg mogelijk. Hoe jonger mensen in aanraking komen met boeken of verhalen, hoe groter de kans dat ze op latere leeftijd deelnemen aan cultuur en maatschappij. Iedereen Leest moedigt een vroege voorleesstart aan tijdens de leeftijd van nul tot zes jaar in de thuisomgeving, kinderopvang en kleuterklas.

2. Toegankelijke leesomgevingen

Een toegankelijke leesomgeving is een beslissende factor om kinderen en volwassenen uit te nodigen tot lezen. Thuis, in de kinderopvang, op school, in de bibliotheek, in de boekhandel, op publieke plekken, online en in de media moeten boeken aanwezig zijn. Een leesomgeving creëert ruimte en tijd voor lezen. Hier geeft men leesplezier door en kunnen lezers kiezen uit een groot en divers boekenaanbod.

3. Leesplezier en geletterdheid

Leesplezier is niet vrijblijvend, integendeel. Het versterkt de motivatie - van graag naar willen lezen - waardoor kinderen meer en beter zullen lezen. Inzetten op de leesvaardigheid en (literaire) competenties van kinderen en jongeren – zowel op school als daarbuiten – versterkt hun positie in de maatschappij. Een goede leesvaardigheid zorgt onder andere voor betere kansen op de arbeidsmarkt.

4. Structurele netwerken

De uitbouw van netwerken rond leesbevordering is cruciaal om samen te bouwen aan een sterke leescultuur. Iedereen Leest kiest bewust voor partnerschappen en verkiest samenwerking met (boven)lokale partners om initiatieven uit te rollen. Prioritaire partners komen uit het culturele, onderwijs- en welzijnsveld. Visieontwikkeling en professionalisering zijn belangrijke aandachtspunten.

5. Kennis delen

Kennisontwikkeling en praktijkervaringen zijn sleutels om initiatieven rond leesbevordering sterker te maken. Bevindingen uit onderzoek helpt om kennis over lezen en leesbevordering op te bouwen. Ook leren van elkaar - via succesverhalen maar evenzeer via experimenten die hun doel niet bereikten - zorgt dat valkuilen vermeden en succesfactoren bevorderd kunnen worden.