In het atelier van Jan Van Lierde

Hoe ziet de werkruimte van illustratoren eruit? Wat zijn hun rituelen, talismannen en eigenaardigheden? Waaruit putten ze inspiratie en hoe komen ze tot hun beste werk? Journaliste Katrien Steyaert mag binnenkijken in hun ateliers en in hun creatieve geesten. Michiel Devijver maakt er foto’s bij. Deze keer: op bezoek bij Jan Van Lierde in Gent.

door Katrien Steyaert | foto's: Michiel Devijver
© Michiel Devijver | Iedereen Leest

Beetje chaotisch

'Een of ander raar lot heeft beslist dat ik in Herentals moest opgroeien, denk ik, want eigenlijk voel ik me meer een Siciliaan. Als ik zou kunnen, ik zou mijn atelier verkassen naar Ortygia, een plek die ik al even zalig vind als het eten daar. Maar goed, deze kamer in mijn huis in Gent is ook lichtrijk en de lelijke tapis plein laat toe om een beetje chaotisch te werken. Ik mag hier ook roken. Tegenwoordig is dat not done, ik weet het, maar ik blijf het heel leuk vinden om af en toe achterover te leunen, een sigaretje op te steken en te kijken naar wat ik getekend of geschilderd heb. Het zijn momentjes van contemplatie.'

Op café

'Tekenen brengt rust in mijn nogal chaotische hoofd, maar het maakt ook een mysterieuze stroom in mijn hersenen vrij. Als ik een tekst krijg om te illustreren, ga ik 99 procent van de keren op café zitten met mijn schetsboek, en vervolgens zet ik volstrekt andere dingen op papier dan waarover de tekst gaat. Ik vermoed dat die toch rijpt en gist, want na een paar dagen komt er een figuurtje tevoorschijn of heb ik de toon van het verhaal te pakken. Ik verbaas me er dan vaak over hoe organisch die dingen gebeuren, bijna zoals kinderen tekenen – hun vrijheid van denken charmeert me enorm – of zoals muzikanten improviseren.'

Bouzouki

'Mijn passie voor muziek blijkt groter dan mijn talent. Mijn vader had dat talent wel en ik ben blij dat zijn gitaren in mijn atelier staan, naast mijn banjo en bouzouki. Het is hier sowieso zelden stil, want mijn ritueel is: ontbijten, altijd hetzelfde blauwe werkmansvestje aantrekken, en een podcast of muziek opzetten. Nu luister ik veel naar Ernst Reijseger, een Nederlandse cellist die hedendaags klassiek speelt, maar ik hou evengoed van The Beatles of dEUS. Een heerlijke podcast is Dooddoeners van Jean Paul Van Bendegem en Ignaas Devisch. Ik legde geregeld mijn pen neer omdat ik moest lachen of stilstaan bij een gedachte.'

“Tekenen brengt rust in mijn nogal chaotische hoofd, maar het maakt ook een mysterieuze stroom in mijn hersenen vrij.”

Zus

'Soms gniffel ik om mijn eigen flauwe grappen. Die vind je sowieso in al mijn boeken terug, want ik wil lezers laten genieten. Ze moeten niet per se hardop lachen, het volstaat dat ze denken: 'Huh, dit is onnozel en leuk'. Dat soort humor herkende ik in mijn zus. Ik was 19 toen ze stierf, zij 26. Ze was net met verve afgestudeerd in de toegepaste kunsten, onder andere met haar 'borstenlampje' dat in mijn atelier staat. Ze verwerkte er de vorm van haar boezem in – creatief én grappig. Een ander fijn spoor van haar is het schilderij met de papegaai. Haar vriend werkte eraan bij Albert Mastenbroek op het moment van haar dood.'

Zelfzorg

'Ik durf mezelf een rasechte professional te noemen, die nooit een deadline mist. Alleen de laatste maanden gebeurt dat weleens. Ik heb dan ook de grenzen van mijn mentaal welzijn bereikt omdat ik in 2020 zo berehard gewerkt heb – ik maakte vijf boeken met telkens 30 à 40 pagina’s illustraties – en ondertussen stierf mijn moeder en ging ik door een scheiding. Sinds kort focus ik op mijn recuperatie. Lukt het werken niet en heb ik meer nood aan gaan wandelen? Dan doe ik dat. Ik voel me niet schuldig, integendeel, pas als ik mezelf rust gun, kan ik een totale burn-out vermijden en de kwaliteit van mijn werk garanderen.'

Animatie-denken

'Á la tête du texte kies ik elke keer een stijl die er naar mijn aanvoelen bij past: nu eens cartoonesk, dan weer met veel zorg voor de penseeltoets. Het is mijn achtergrond als animatiefilmer die fel doorwerkt, denk ik, want in die rol word je verondersteld heel veel tekenstijlen in je hand te hebben. Ook de dynamische manier waarop mijn boek-personages bewegen komt voort uit mijn animatie-denken. Onlangs kreeg ik de vraag om een nieuwe Nederlandse serie van visuals te voorzien, wel, dan zit ik drie dagen op een roze wolk. Als er zich tegelijk illustratieopdrachten aandienen, krijg ik het beste van twee werelden, vind ik.'

“Soms gniffel ik om mijn eigen flauwe grappen. Die vind je sowieso in al mijn boeken terug, want ik wil lezers laten genieten.”

Titanium White

'Werken op de iPad ben ik even kotsbeu. De methode geeft wel veel vrijheid – iets toevoegen, swipen en hup, het staat in je bestand – maar er gaat een ferm stuk ambacht verloren. Net daarvoor doe ik het: uren met een 0,05-pennetje schaduwen juist zetten, of helemaal verdwijnen in het schilderen. Verschillende kleuren en merken hebben hun eigenheid, ondervind ik. Zo is mijn wit altijd Titanium White van Golden omdat dat traag droogt en ik het dus achteraf nog kan weghalen of bekrassen. Ik gaf al een kapitaal uit aan verfjes die hier soms liggen te roesten, en toch kan ik de Schleiper niet binnengaan zonder 36 nieuwe te kopen.'

Pareltjes

'Structuur heb ik niet. Ik begin 's morgens te werken – da's een hele belangrijke: gewoon beginnen – en ik ga door tot ik voel dat het niet meer gaat, tot ik plots honger heb of naar buiten moet omdat ik met iemand afgesproken heb. Er bestaan bij mij ook geen weken of weekenden, ik sta mezelf gewoon een vrije dag toe als ik er een nodig heb. Soms is het wel jammer dat het doorgaans tien keer aanlokkelijker is om op een terras te gaan zitten dan bijvoorbeeld na te denken over wat ik wil doen met de schetsboeken waarop ik zo trots ben. Sorry als ik nu zelfbewust klink, maar er staan pareltjes in die echt een publiek verdienen.'

Opbouwende kritiek

'Eén wondermiddel als ik vastzit: douchen. Het klinkt als een stom receptje, maar als ik niet weet hoe ik een pagina moet opbouwen of op iets moeilijks in de tekst bots, helpt het altijd. In de nabije toekomst verwacht ik de truc wel niet vaak nodig te hebben, want Stefan Boonen schreef een gigantisch leuke, nieuwe tekst. Hij is een van de auteurs tegen wie ik altijd 'ja' zeg, al was het maar omdat we heel prettig kunnen brainstormen en overleggen. Ik vind het sowieso evident om opbouwende kritiek van een auteur of uitgeverij te aanvaarden, want zij vinden soms hiaten die ik over het hoofd zag.'

“Eén wondermiddel als ik vastzit: douchen. Het klinkt als een stom receptje, maar als ik niet weet hoe ik een pagina moet opbouwen of op iets moeilijks in de tekst bots, helpt het altijd.”

Les van Dautremer

'Omdat ik graag nieuwe input krijg, volg ik binnenkort een cursus bij Rebécca Dautremer, de virtuoze Franse tekenares die altijd humor en vervreemding in haar werk stopt. Daarom ben ik ook zo zot van de Brusselse schilder Milan Jespers – het is een kwestie van tijd eer hij doorbreekt, hoop ik. Net als hij maakt Dautremer altijd rake beeldkeuzes, dus ik verwacht veel van haar driedaagse. In Carll Cneuts masterclass twee jaar geleden deed ik alvast superinteressante experimenten, bijvoorbeeld met crackle paste waarmee je onderliggende kleuren kunt laten doorschemeren. In mijn volgende boek wil ik er volledig loos mee gaan.'



Deel dit artikel: