De leeswereld van Martine Vandermaes

'Lezen is denken met andermans hoofd', zei Schopenhauer. Maar wat zoeken we in dat andere hoofd? Is het rust, verstrooiing, kennis? Dit is Leeswereld, een interviewreeks over de rol van lezen, over schoonheid, over taal. Deze aflevering: Martine Vandermaes, bibliothecaris.

door Matthias M.R. Declercq
© Michiel Devijver | Iedereen Leest

Aan al wie aan stofjassen, vergeelde lidkaarten en uitgesleten traptreden denkt bij het woord 'bibliothecaris': tijd om die woordwolk als met een bladblazer je hoofd uit te jagen. Dat beeld voldoet al lang niet meer. Dat bewijst Martine Vandermaes, de voormalige bibliothecaris van de openbare bib in Oostende. Midden het gesprek begint ze plots over Marcus Rashford. 'Ken je die?', vraagt Martine. 'Dat is de spits van Manchester United.'

Marcus Rashford is een Britse topvoetballer die steeds vaker het nieuws haalt als activist. De jongeman slaagde er in de arm van premier Boris Johnson om te wringen. Die zag geen heil in de voortzetting van de maaltijdbedeling voor kansarme gezinnen. Tot Rashford zich er mee moeide. De spits van Manchester United ontwikkelde zich op korte tijd tot een sociale ondernemer, over het Kanaal is hij nu het uithangbord van de strijd tegen maatschappelijke ongelijkheid. 'Hij heeft, samen met een uitgeverij, ook een boekenclub opgezet', zegt Martine. 'Om kwetsbare kinderen de ervaring van het lezen bij te brengen. Rashford kwam zelf pas op zijn zeventiende echt aan lezen toe. Thuis ging het geld naar het eten op de tafel, niet naar boeken. Dus schiet hij nu gezinnen in gelijkaardige situaties te hulp. Hij spreekt over 'the escapism of reading', het genot even te verdwijnen uit de werkelijkheid.' Rashford lanceert binnenkort ook een kinderboek, om de jeugd aan te moedigen. De titel? 'You Are A Champion'.

Dolly

“Dromen. Daar gaat het over. Laat kinderen dromen. Laat ze inzien dat ze talent hebben, dat ze mogen dromen, dat er zoveel meer mogelijk is dan wat ze rondom hen zien. Wat zij doen, is niet anders dan wat een bibliothecaris ook probeert te doen.”

Martine haalt er nog een andere ster bij: Dolly Parton. 'Zij heeft een speciaal programma opgezet: 'Dolly Parton’s Imagination Library'. Parton is opgegroeid in een wereld zonder boeken, met een ongeletterde vader. Maar ze ziet het belang van lezen in, en heeft miljoenen dollars uitgetrokken om gratis kinderboeken op te sturen naar kinderen. Prachtige, kwalitatieve boeken die zomaar in de bus vallen, opdat de wereld van kinderen groter wordt dan die van het huis waarin ze opgroeien. Dat is toch prachtig? Dromen. Daar gaat het over. Laat kinderen dromen. Laat ze inzien dat ze talent hebben, dat ze mogen dromen, dat er zoveel meer mogelijk is dan wat ze rondom hen zien. Wat zij doen, is niet anders dan wat een bibliothecaris ook probeert te doen. Of toch verondersteld is te doen.'

Lanoye

“Het was mijn eigen grote hoop om bibliothecaris te worden. Ik wilde niks liever dan een leven vol boeken.”

'Het was mijn eigen grote hoop om bibliothecaris te worden', zegt Martine. 'Ik wilde niks liever dan een leven vol boeken. Niet dat er zoveel verhalen aanwezig waren in mijn eigen jeugd, helaas niet, toen was het aanbod kinderboeken veel beperkter dan nu. Al ga ik Wij uit Bolderburen van Astrid Lindgren nooit meer vergeten.

Wellicht was het mijn grootvader die me de liefde voor lezen bijbracht. Hij heeft lang gevist op zee, was een tijdje sluiswachter, zat in het Verenigd Koninkrijk tijdens de Eerste Wereldoorlog, en altijd las hij boeken. Hij nam me ooit mee naar een minibibliotheek in de vismijn in Oostende. Als kind van een middenstandersgezin, moest ik voor mezelf kunnen zorgen. Vader en moeder hadden een kruidenierswinkel in Oostende. Ze voorzagen bakkerijen en restaurants van onder andere gist, eieren en boter. Vader ging 'op ronde', van De Panne tot Blankenberge. Toen ik Sprakeloos las van Tom Lanoye, herkende ik dat decor. Lanoye groeide op in een slagerij, ik in een kruidenierswinkel. Je ouders werken veel, het stopt nooit, en ik maakte van die tijd gebruik om te lezen. Urenlang. Lanoye gaf woorden aan wat ik als kind voelde.'

Kathedralen

© Michiel Devijver | Iedereen Leest

De droom van het bibliotheekwezen kreeg snel vorm. Martine Vandermaes studeerde af als 'gegradueerde in de bibliotheconomie', werkte in het filmarchief van het Paleis voor Schone Kunsten (het huidige 'Cinematek' in Bozar), werkte in Albertina (nu 'KBR', Koninklijke Bibliotheek van België) aan de immense boekencollectie van voormalig premier Achiel Van Acker, om dan later bibliothecaris te worden en na drieënveertig jaar werken in het bibliotheekwezen af te zwaaien als hoofd van de openbare bib in Oostende. Ze zag uitleenregisters verdwijnen, zag computers opkomen, en maakte de professionalisering en digitalisering mee vanuit de cockpit. Voor Martine moet een bibliotheek mee evolueren met de maatschappij, voldoen aan de noden. Voor haar is het helder: bibliotheken zijn de nieuwe kathedralen, zoals de Nederlandse architecte Francine Houben het eerder al verwoordde. Of zouden dat toch moeten zijn.

Gaiman en Chambers

'Ik ben een fictielezer en houd vast aan een citaat van de Britse schrijver Neil Gaiman: Fiction is the lie that tells the truth. Lezen verruimt je wereld, staat toe die wereld anders te benaderen. Of je nu zestien of zesenzeventig bent. Het is nooit anders geweest. Altijd zijn er boeken die je blik veranderen. Soms stoot je op een boek en valt alles samen: het verhaal, je eigen wereld, het eigen denken. Is dat serendipiteit? Ik weet het niet. Ik denk aan Siddhartha, van Herman Hesse, dat ik als jongere las. Of Le Deuxième Sexe van Simone de Beauvoir. Of het werk van James Baldwin. Lees je zijn oeuvre, dan begrijp je de moeilijkheden van de Verenigde Staten veel beter.

Maar afgezien van mijn eigen passie voor lezen, ging het er mij als bibliothecaris om om mensen aan het lezen te krijgen. Dat is niet eenvoudig. Niet iedereen heeft een letterhonger. Daarom dat De leesomgeving van Aidan Chambers belangrijk was, en is. De ondertitel zegt genoeg: Hoe volwassenen kinderen kunnen helpen van boeken te genieten. Chambers betoogt dat je kinderen met verhalen moet omringen. Je moet hen niks opdringen, maar een diversiteit aan boeken aanreiken. Iedereen mag dat doen: ouders, leerkrachten, vrienden, familie. Niet zeggen ‘dit is goed, en dat is slecht’, maar ze op een zachte manier in contact brengen met de bijzondere wereld die in boeken schuilt. En al even belangrijk: lees voor! En stel vragen, enthousiasmeer.'

“Je moet kinderen niks opdringen, maar een diversiteit aan boeken aanreiken. Iedereen mag dat doen: ouders, leerkrachten, vrienden, familie. Niet zeggen ‘dit is goed, en dat is slecht’, maar ze op een zachte manier in contact brengen met de bijzondere wereld die in boeken schuilt.”

Paleizen voor het volk

© Michiel Devijver | Iedereen Leest

'Maar om dat te kunnen doen heb je ook de juiste plek nodig. Dat woord klinkt simpel, 'plek', maar is belangrijk. Daarom zijn bibliotheken de nieuwe kathedralen: het zijn plekken waar je vrij in kan, om je te verbazen, om kennis te vergaren of om rust te zoeken. In Palaces for the People legt Eric Klinenberg uit hoe sociale infrastructuur de ongelijkheid kan wegwerken. Misschien is dat wat overtrokken, maar in potentie kan dat wel: in de bibliotheek zijn er geen verschillen. Je kan er niet slagen of mislukken. You can’t fail at library. Iedereen is er vrij, iedereen kan vrijelijk lezen wat hij wil, vrijelijk opzoeken wat hij wil. De kennis, de info, is er voor iedereen. Bovendien is een bibliotheek, zeker in een stedelijke context, een geschikte plaats voor mensen om zich even te kunnen terugtrekken. Wie klein behuisd is, of opgroeit in een groot gezin, heeft zo'n plek nodig, om ongestoord te kunnen lezen.

Daarom dat ook wijkbibliotheken van groot belang zijn. Velen zijn verdwenen, maar het zijn echt knooppunten in een sociaal weefsel. Dat benoemt ook Abdelkader Benali in deze reeks. Ik ging als achtjarige ook naar de wijkbibliotheek. Daar stond toen nog een man in een stofjas, ja. (lacht) Zo'n vorm van dienstverlening is belangrijk voor zij die niet naar de hoofdbibliotheek kunnen. Een wijkbibliotheek is een bedieningspunt, voor meer dan alleen kinderen. Ook voor nieuwkomers die de taal nog niet machtig zijn, maar evengoed ook voor mensen die thuis niet over internet beschikken. De bib is er voor iedereen. Jawel, het is de university of life.'

D
at zijn de nieuwe associaties: een bibliothecaris doet vanaf nu denken aan Dolly Parton, aan Marcus Rashford, aan kathedralen en aan universiteiten. En aan dromen van al wat nu niet is, maar later wel kan.



Deel dit artikel: