De leeswereld van Stijn Meuris

‘Lezen is denken met andermans hoofd’, zei Schopenhauer. Maar wat zoeken we in dat andere hoofd? Is het rust, verstrooiing, kennis? Dit is Leeswereld, een interviewreeks over de rol van lezen, over schoonheid, over taal. In deze aflevering: Stijn Meuris.

door Matthias M.R. Declercq
© Michiel Devijver | Iedereen Leest

Er valt in Vlaanderen niet veel romantiek op te hangen aan steenwegen. Ook niet in Limburg. Daar snijdt de N2 het landschap aan stukken, ook dat van Stijn Meuris in Kermt. Trekt hij de voordeur open, dan ziet hij een eindeloze processie van auto’s en vrachtwagens, en stuift het gebrul de woonkamer in, als een windvlaag. Maar het pand is weerbaar: achter de gevel openbaart zich een andere wereld, zonder lawaai, zonder roet. Achterin het huis reikt een lange, glazen rechthoek als een uitgestrekt been tot diep in de tuin. Bomen bewaken er de rust. In de woonkamer liggen boeken op tafel. Over onbestaande eilanden, de Bende van Nijvel en asbest. Stijn Meuris schuift de tas koffie voor zich uit en kijkt naar de bomen. Zonder het te beseffen legt hij een link tussen zijn huis en zijn hoofd.

Het oog van de storm

'Ik ben een volbloed ADHD’er. Als een bom kan ik uit elkaar vliegen. Boeken, films, podcasts, over eilanden, Nazi’s, vliegtuigen. Dan vlieg ik van het ene onderwerp naar het andere, zonder ophouden, snel en gulzig. Maar in het oog van de storm is het rustig. Dan lees ik hier een boek over sterrenkunde of astrofysica, en dan ben ik kalm.’

'Lezen draait voor mij om begrijpen’, zegt Stijn. 'Weten hoe iets functioneert. Weten waarom iets gebeurt. De functie van lezen is dezelfde als veertig jaar geleden. Ik ben nu 53 jaar, maar ik ben kinderlijk blij als een boek mij een inzicht aanreikt. Dan denk ik: 'Ho! Dat kan toch niet waar zijn!’

“Alles begint met verwondering en ik heb het geluk nog echt verwonderd te kunnen zijn. Leidt dat tot kennis en tot een beter begrip, dan ben ik rustiger.”

Alles begint met verwondering en ik heb het geluk nog echt verwonderd te kunnen zijn. Leidt dat tot kennis en tot een beter begrip, dan ben ik rustiger, dan bevind ik me in het oog. De rode draad van mijn leeswereld is een hunkering naar begrip en overzicht. Ook naar romantiek. Koppel je dat aan een tijdsperiode, dan eindig je in de jaren vijftig, zestig en zeventig. Toen was de wereld nog overzichtelijk. De waarheid was eenduidig en dat is geruststellend voor een ADHD’er. De jaren tachtig waren al iets moeilijker te bevatten. Misschien ben ik daarom zo gefascineerd door de Bende van Nijvel. Omdat ik herinneringen heb aan die tijd en die tijd wil doorgronden. Weten wat er is gebeurd.’

Gillend zwijn

'Ik was een nerd als kind, met een interesseveld waar geen pijl op te trekken viel. Op mijn twaalfde ontdekte ik Kijk, een populair wetenschappelijk tijdschrift. Toen is het fout gelopen (lacht). De wereld ging letterlijk open. Ik zag een plejade aan onderwerpen passeren en bij nagenoeg ieder onderwerp dacht ik: 'Man, interessant!’ Dat mocht gaan over taal, over wiskunde, over genetica, over de continentale drift, chemie, biologie, maar ook over astronomie, astrofysica, melkwegstelsels.

De hemel heeft mij nooit meer losgelaten. Al helemaal niet toen ik het magazine Sky & Telescope onder ogen kreeg, op mijn zestiende. Ik lees dat blad nog altijd. Verwonderd over al wat zich in het heelal afspeelt. En dan die beelden van onze planeet: prachtig. Kwamen daar toen nog de Star Wars-films bij. Ik was als tiener en twintiger grote fan van Godfried Bomans, en ben dat nog altijd. Bomans is één van de weinige fictie-auteurs die ik niet heb losgelaten, maar het gros van mijn aandacht ging en gaat naar wetenschap, naar kennis.’

Hybride

“Van zodra iets als 'gesetteld’ aan voelt, of het nu gaat over vrienden of over boeken, dan komt al snel de drang om die bestaande orde te verstoren. Dan heb ik het gezien en is het tijd voor verandering.”

Die groeiende interesse maakte van mij een hybride persoonlijkheid. Enerzijds was ik een totaal onsexy nerd met een bril die boeken las over sterren en fysica. Met een vriend bouwde ik zelfs een sterrenwacht in de tuin van mijn grootouders. ‘Pulsar’ heette dat. Anderzijds was ik de punker die in het weekend als een gillend zwijn op het podium van het jeugdhuis klom. Maar ik heb die tegenstrijdigheid aanvaard. Misschien speelt ADHD ook daar een rol in. Van zodra iets als 'gesetteld’ aan voelt, of het nu gaat over vrienden of over boeken, dan komt al snel de drang om die bestaande orde te verstoren. Dan heb ik het gezien en is het tijd voor verandering.

Dat uit zich ook in mijn leeswereld. Dan is het ene thema leeggezogen en spring ik naar een volgende, en nog een, en nog een. Ligt er dan plots een boek over onbestaande eilanden op de tafel, en eentje over asbest. Nu weet ik dat de ’Mountains of Kong’ in Afrika nooit hebben bestaan, al stonden ze wel jarenlang aangeduid op de kaart van Afrika. Ooit beweerde een ontdekkingsreiziger zelfs op de top van die bergketen te staan. Voilà, dat weet ik nu dus.’ (lacht)

Klassiekers

“Mijn interesse voor wetenschap en techniek heeft ertoe geleid dat ik niet kan zeggen wat Shakespeare heeft geschreven, maar ik kan wel de kwantumtheorie uitleggen.”

'De kans is evenwel groot dat je me later opnieuw aantreft met een boek over astronomie. Die passie keert telkens terug. Het maakt dat ik nu, op mijn 53ste, besef dat ik de grote fictieklassiekers niet heb gelezen. De vanger in het graan van J.D. Salinger, of De steppewolf van Hermann Hesse heb ik niet gelezen. Net omwille van de grootheid van die boeken, de bekendheid ook, heb ik die niet gelezen. Het voelde aan alsof anderen die voor mij hadden gelezen. Alsof ik al wist wat erin verteld werd. Mijn interesse voor wetenschap en techniek heeft ertoe geleid dat ik niet kan zeggen wat Shakespeare heeft geschreven, maar ik kan wel de kwantumtheorie uitleggen.’

Luc De Vos

“Mijn boekhandelaar kent dat gevoel. Kom ik zijn winkel binnen, dan reikt hij me de juiste boeken aan. Alsof hij weet wat ik nodig heb om die gedachte te verdringen.”

'Hoe ouder ik word, hoe dwingender de tijd. Tot mijn 45ste veranderde er niet veel in mijn leeswereld. Sindsdien ben ik aan een inhaalbeweging begonnen. Alleen de kern telt, de rest is ballast. Dat idee werd sterker na de dood van Luc De Vos. Zijn dood was een wake-up call voor veel mensen die Luc goed hebben gekend. Dat de speeltijd voorbij was, dat gevoel. Er daalde een 'sense of urgency’ over mij neer. Dus laat ik me niet meer opjagen door de weekendkranten die ieder onderwerp of boek als ‘dwingend’ presenteren.

Mijn boekhandelaar kent dat gevoel. Kom ik zijn winkel binnen, dan reikt hij me de juiste boeken aan. Alsof hij weet wat ik nodig heb om die gedachte te verdringen. Dus blijf ik de wetenschappelijke magazines lezen die ik al mijn hele leven lees. Ben ik daarom ook het oeuvre van Bill Bryson aan het lezen en herlezen, en hoop ik zo het overzicht te bewaren. Dan blijf ik in het oog.’



Deel dit artikel: